Uit je hoofd, in je lijf

Uit je hoofd, in je lijf

Er is een extreme ontlichaming geweest de afgelopen jaren. We zijn hoofden op pootjes. Gelukkig begint het steeds meer te leven dat het lichaam belangrijk is. We kunnen er gewoon niet omheen. 

We zijn erop gebouwd om contact te hebben met een ander. De eerste levensjaren zijn we volledig afhankelijk van de mensen om ons heen. Die mensen, veelal onze ouders, hebben een grote verantwoordelijkheid. Ze leren ons hoe we contact hebben met elkaar, maar vooral ook met onszelf.

 

Verbinding met jezelf

De afgelopen decennia is het een beetje misgegaan. We zijn steeds meer in ons hoofd gaan zitten en zijn het contact met ons lijf verloren. Alles draait maar om het denken, het praten. We zijn vergeten dat er nog meer zit onder dat hoofd: een lichaam. De plek waar we leven en wonen.

 

Wanneer we te lang vergeten dat het lichaam er is, geeft dat lichaam het zelf aan. Je krijgt fysieke klachten. Sommigen ervaren dat met rugpijn of nekpijn. Anderen raken veel sneller vermoeid. Door al dat gewicht dat we bovenin ons lichaam dragen – ons hoofd -, raken we snel uit balans. Je hoeft ons maar een tikje te geven en we vallen om.

 

Huidhonger

Dat begint dus allemaal al bij het allereerste begin. Wanneer we nog maar een paar dagen oud zijn. Het woord huidhonger is de laatste tijd steeds bekender geworden door de coronapandemie, maar bestaat natuurlijk al veel langer. Een baby heeft huidhonger. Als een kind niet wordt vastgehouden, verpietert het. Het is wie we zijn, hoe we zijn gemaakt. Huidcontact is een levensbehoefte.

Zelfs het aller raarste gedrag van een kind heeft te maken met de behoefte: mag ik bij jou zijn?

Afwijkend gedrag is niets minder dan reguleren. Stress, maar ook de behoefte aan nabijheid, waardoor we ons gezien en gevoeld voelen. Het afwijkende gedrag komt voort uit patronen die een kind leert. Niet voor niets vinden we het als kind fijn om lekker ingestopt te worden. Daardoor reguleert je lichaam zich. Je voelt je aangeraakt.

 

Zelfbewust

Door weer te beginnen met voelen, verplaatst het gewicht zich in je lichaam. Van je hoofd, naar je lijf. Want je hebt zo veel ruimte om al die gevoelens te herbergen. Daardoor ontstaat er weer meer bewegingsruimte. Je hoeft niet meer te balanceren, je staat steviger in je schoenen.

 

 

Ook een lichaamsgerichte training volgen?